Talentontwikkeling: een leven lang leren

Jezelf blijven ontwikkelen en verder leren is het ideaal van Mirte Forrer. Juist door nieuwe kennis op te doen, houdt deze gedragsdeskundige annex scientist practitioner en orthopedagoog-generalist haar werk dynamisch. Haar nieuwste studieproject levert naast een promotieonderzoek ook een observatie-instrument voor het beoordelen van opvoedgedrag op. Want al die kennis is vooral bedoeld om in de praktijk te brengen. Mirte over haar drijfveren en waarom ze niet stil kan staan.

“Momenteel ben ik twee dagen vanuit Jeugdbescherming bij de VU gedetacheerd als scientist practitioner binnen een project van het NEJA. De andere twee dagen werk ik bij Jeugdbescherming als gedragsdeskundige. Deze twee functies zijn inmiddels sterk met elkaar verweven. Zo verzamel ik bij Jeugdbescherming de benodigde onderzoeksdata voor het project en informeer ik collega’s van de universiteit over hoe zaken werken in de dagelijkse praktijk. Dat is een mooie wisselwerking, ik heb daarin een brugfunctie.

Dit project duurt in totaal vier jaar, ik hoop erop te kunnen promoveren. Ik ben altijd blijven studeren naast mijn werk, als een soort eeuwige student. In 2011 werd ik gedragsdeskundige, vrij kort daarna startte ik met mijn postmaster opleiding tot orthopedagoog-generalist. Een maand nadat ik die afrondde, kwam dit project voorbij.

Uit de combinatie studeren en werken haal ik veel werkplezier. Ik vind het geweldig dat Jeugdbescherming zelf ook een lerende organisatie is die zichzelf blijft ontwikkelen. Zo wordt een project als dit op verschillende manieren ondersteund. Er is een projectteam gevormd en een portefeuille ‘Opvoedgedrag’ ingericht. Gezinsmanagers investeren tijd in het aanleveren van data die gebruikt worden bij de ontwikkeling van het observatie-instrument en doen gelijktijdig kennis op over opvoedgedrag en het beoordelen hiervan. Door de aangeleverde data kunnen we een praktijkbestendig instrument ontwikkelen. Zodra dit instrument er is, zal met de Akademie bekeken worden hoe het gebruik ervan getraind gaat worden. Ook draagt Jeugdbescherming bij aan de doorontwikkeling van het instrument door het als eerste organisatie in te zetten. Die stappen worden door Jeugdbescherming goed afgewogen gezet.

“Kom met een goed plan en er kan over gepraat worden.”

HET NEJA PROJECT ‘RISICOVOL OUDERSCHAP’

De gemeente Amsterdam startte 1 januari 2017 in samenwerking met Altra, de Vrije Universiteit van Amsterdam (VU) en Jeugdbescherming Regio Amsterdam het NEJA (Netwerk effectief jeugdstelsel Amsterdam) project: ‘Risicovol Ouderschap’. Doel is het ontwikkelen van een observatie-instrument waarmee opvoedgedrag kan worden beoordeeld dat van invloed is op de veiligheid, de ontwikkeling en de gehechtheid van kinderen. Hierbij spelen dimensies van opvoedgedrag zoals sensitiviteit, intrusiviteit, positieve en negatieve aandacht en emotionele beschikbaarheid van de ouder een rol.

Er is een wisselwerking tussen de opleidingen die ik volg en de wijze waarop ik nieuwe kennis in de organisatie breng. Ik word gestimuleerd om dat wat ik heb geleerd, praktisch uit te rollen op een manier die werkelijk resultaat oplevert. Ondertussen blijf ik gemotiveerd om steeds weer meer kennis op te doen, omdat ik zie hoe de organisatie hiervoor open staat. Voor mij is dat een perfecte samenwerkingsrelatie. De steun vanuit Jeugdbescherming is altijd gebaseerd op de vraag of de kinderen er veiliger van worden. Als dat zo is, is er ontzettend veel mogelijk binnen deze organisatie. Kom met een goed plan en er kan over gepraat worden.”

Mirte: “Als we nu in gezinnen kijken wat er aan de hand is, brengen we altijd patronen in kaart. Op basis daarvan begrijpen we beter wat er met de ouders aan de hand is, wie het kind is en hoe de relatie tussen hen is. We zien echter niet wat er gebeurt in de opvoedrelatie. Worstelt een ouder bijvoorbeeld met psychiatrie, dan denken we dat dit van invloed is op de opvoeding. Maar hoe die opvoeding eruit ziet en hoe het gedrag van de ouder naar het kind is, weten we niet. Terwijl veilig- heid of onveiligheid zich juist binnen die ouder-kind relatie afspeelt. Daarom ontwikkelen we een tool die gezinsmanagers en andere professionals onder- steunt bij het kijken naar die ouder-kindrelatie en het beoordelen van het opvoedgedrag.”

Lees hier meer over her NEJA project en de factsheet ‘Risicovol Opvoederschap’

Hier kunt u de inhoud creëren die zal worden gebruikt binnen de module.