“Ik wens ieder team een eigen SPV-er toe”

Anne van Andel, gedragsdeskundige in een pilotteam ‘Innovatieve Psychiatrie’ en deelnemer aan de intervisiebijeenkomsten van GGD, GGZ en Jeugdbescherming Regio Amsterdam.

“Ik werk in een pilotteam waar Paul als Sociaal Psychiatrisch Verpleegkundige aan verbonden is. Ook neem ik deel aan de intervisiebijeenkomsten tussen de GGD, GGZ en Jeugdbescherming. Als gedragsdeskundige merk ik dat de expertise van Paul een echte aanvulling is. Samen met de gezinsmanager bezoekt Paul de ouder, waarna hij aangeeft of datgene wat wij willen haalbaar is voor de ouder. Hij observeert de veiligheid van kinderen vanuit een andere invalshoek en is gefocust op ‘wie is deze ouder?’ Paul doet geen uitspraken over te nemen besluiten, maar geeft wel aan waarom en in welke mate hij zich zorgen maakt om een kind. Dat is heel helpend.

Omdat Paul als GGD-er onbevangen met ouders kan praten, delen zij meer met hem. Dat levert een mooie samenwerking tussen Paul en de gezinsmanagers op. De pilot heeft ons vermoeden bevestigd dat veel ouders, zo’n zeventig procent, kampen met psychiatrie. Die bevestiging leert ons dat veel gesprekken met ouders om een andere mindset en gesprekstechniek vragen. Ook hier ligt een toegevoegde waarde van Paul, hij bespreekt met gezinsmanagers hoe zij het beste kunnen aansluiten bij de ouder. En wanneer er sprake is van psychiatrie, helpt hij bij de vraag hoe we de ouder naar de benodigde hulpverlening loodsen. Daarnaast krijgt hij vaak sneller en meer informatie bij behandelaars naar boven, omdat hij weet welke vragen hij kan stellen.

“Wil je innoveren dan moet je met elkaar in gesprek over de praktijk.”

In eerste instantie draaide de pilot vooral om de screening tijdens de huisbezoeken. Maar daarnaast ontstond al snel de behoefte aan intervisie met elkaar. Wil je innoveren dan moet je met elkaar in gesprek over de praktijk.
De intervisiebijeenkomsten leren ons elkaars taal te spreken en elkaars standpunten te begrijpen. Je creëert een gezamenlijk beeld op kindveiligheid en kijkt bijvoorbeeld hoe je samen een ouder, die eigenlijk niet wil, toch richting de juiste hulpverlening loodst. Nu dat gezamenlijke gesprek op gang komt, merk ik dat ik bepaalde besluiten ook weer beter kan uitdragen naar de gezinsmanagers in het team. Bovendien zorgen deze bijeenkomsten ervoor dat de banden tussen de instanties zoals de GGD, GGZ en Jeugdbescherming worden aangehaald, je leert elkaar kennen en weet elkaar beter te vinden.”